Loading...

Verslag Likejagers

Arnhem Exchange | Back to the Roots: Jop van Bennekom

30-04-2015
Jop van Bennekom & Facing Pages– Arnhem Exchange, Back to the Roots
Een gesprek over liefde voor tijdschriften

Terug naar waar de liefde voor de gedrukte vormgeving wellicht ontstond. De stad die in zijn herinnering vooral vervallen is, hetgeen gepaard ging met zijn eigen armoedige studentenleven. Jop van Bennekom was de ambitieuze grafische student aan ArtEZ Arnhem die zich tot één van de meest invloedrijke modetijdschriftenmakers van deze tijd heeft ontpopt. Marlies van Leupen gaat met hem in gesprek.

Door een gedeelde boosheid heeft van Bennekom tijdens zijn studententijd veel contact met docent Karel Martens. Hij werkt na de academie één jaar in opdracht van kunstenaarsinitiatief Hooghuis Arnhem, waarvoor hij uitnodigingen ontwerpt. Martens vraagt hem naar de Jan van Eyckacademie te komen, waar van Bennekom zijn grafische opleiding vervolgt. Daar in Maastricht start hij met het uitbrengen van het Re-magazine. Het tijdschrift is een experiment, visueel en redactioneel. Het magazine richt zich op verhalen met extreme persoonlijkheden, mensen die het verschil maken. Soms werkt de ontwerper in een collectief, een andere keer weer alleen met een assistent.

Als artdirector van BVLD merkt hij hoe klein Nederland is voor de modewereld, de mogelijkheden zijn gelimiteerd, aldus van Bennekom. Hij kan zich moeilijk identificeren met de doelgroep van het tijdschrift, het twintig jarige meisje met een liefde voor mode. Op de redactie ontmoet hij Gert Jonkers, samen met hem start hij het vernieuwende homoblad Butt. Het tijdschrift geeft een platform aan een grote groep mensen, het is bijna een beweging. Bij de eerste edities brengen zij zelf het magazine naar hun lezers toe, maar binnen korte tijd wordt het tijdschrift ontzettend populair. Het blad vol naakte modellen en zwart-wit foto’s op roze papier sluit aan bij de postpunkperiode en de uitgesproken Andy Warhol stijl. Butt magazine is online nog steeds een sociaal netwerk. De site werkt bijna als een datingsite met kleine pasfoto’s, Buttheads genaamd. Ook worden er regelmatig events georganiseerd door en voor de fans van Butt.

Na vijf jaar succes van Butt besluiten van Bennekom en Jonkers hun liefde voor tijdschriften uit te bereiden. Ze willen een tijdschrift te maken voor een doelgroep waar ze zich goed mee kunnen identificeren: een mannen blad. Fantastic Man is geboren. Het tijdschrift houdt juist de kleren aan, in tegenstelling tot Butt. Het gaat de makers vooral om een persoonlijke stijl, minder om de commercie van de mode. In het blad is geen plaats voor modellen, maar juist voor de ‘gewone’ man. Het magazine interviewt bekende mannen over hun persoonlijke stijl en leven. Het blad is verzorgd, de vormgeving is elegant en helder en de fotografie wederom zwart-wit. Hij maakt graag tijdschrift als een modecollectie. Twee keer per jaar verschijnt het tijdschrift, net als een modecollectie. De frequentie van de verschijning is net iets meer dan een boek en het maakt dat iedereen zich verheugd op een nieuw nummer.

The Gentlewoman, het zusje van Fantastic Man ziet in 2010 het licht, vijf jaar na de lancering van Fantastic Man. De ontwerper wil niet zelf de hoofdredactie over het vrouwenmagazine voeren. Dit laat hij over aan Penny Martin, van wie hij erg onder indruk is na een lezing van haar. De pagina’s van het magazine worden gevuld door vele jonge vrouwelijke medewerkers, wat ervoor zorgt dat er een helder dialoog is tussen de lezers en de makers. Zij weten heel goed wat hun lezers willen. De fans kunnen niet wachten tot er weer een nieuw editie uitkomt van het magazine.

Ondertussen is van Bennekom met nog veel meer opdrachten bezig. Uitgever Penguin vroeg de ontwerper een tijdschrift te maken. ‘Dat is natuurlijk de natte droom van elke grafisch ontwerper’ zegt Jop van Bennekom. Het is een tijdschrift over klassieke literatuur en lezen: het is een ode aan het woord. Het bedenken van een naam, de vormgeving, maar ook inhoudelijk mag hij aan de slag met het nieuwe tijdschrift. The Happy Reader is een klein intiem blad, het is meer een zine dan een tijdschrift. Elke uitgave is opgedeeld in twee delen: de eerste helft bevat interviews met boekfanaten en het tweede deel kruipt onder de huid van een klassieke literatuurverhaal. De dummy die hij maakte voor de eerste editie werd nauwelijks veranderd. Of ze durven me niet tegen te spreken of ze vinden het gewoon heel goed, vertelt van Bennekom lachend.

Na de pauze schuiven de mannen van het magazine festival Facing Pages aan tafel. William van Giesen en Joost van der Steen maken tweejaarlijks de balans op wat betreft onafhankelijke magazines tijdens hun festival in Arnhem. De heren houden zich op een andere manier met papieren uitgaven bezig dan Jop van Bennekom. Voor het selecteren van het festival houden ze zich zogezegd niet bezig met mooi of lelijk: want wie zij zij om dat te bepalen? Dat is aan de internationale bezoeker, Arnhemmers zijn nauwelijks aanwezig tijdens het festival. Joost geeft tijdens het gesprek aan dat het werken vanuit een eigen gemis goed werkt, op deze wijze is ook het festival ontstaan en zo ziet hij vele onafhankelijke magazines op de wereld komen. Het werken uit je eigen gemis sluit goed aan bij de werkwijze van Jop van Bennekom. Butt was een product van zijn eigen gemis, evenals Fantastic Man. Door zeer specifieke tijdschriften te maken wordt de doelgroep ook duidelijk, zo worden alle nieuwe tijdschriften gemaakt. Het is niet voor niets dat Linda, het tijdschrift red., zo populair is in tegenstelling tot bijvoorbeeld Marie-Claire, deze vrouw is fictief en daarmee minder specifiek, zegt van Bennekom.

Zijn werk valt ook musea in Nederland op. Het Stedelijk Museum kocht de magazines van de ontwerper voor de verkoopprijs stuk voor stuk aan. Toch is zijn werk nog niet veel door musea aangekocht. Hoe je media bewaard is natuurlijk een grote vraag, stelt van Bennekom. Dat Nederlandse musea grafische vormgeving bewaren komt voornamelijk door de rijke invloed van Nederlandse ontwerpers. Het tonen van magazines op een festival vindt van Bennekom beter dan in musea. Het maken van tijdschriften is ook op zekere hoogte eenzaam, zegt van Bennekom. ‘Dat je kunt samenkomen en uitwisselen op een festival is natuurlijk heel goed.’ Uitgevers, redacteuren van gevestigde tijdschriften en andere tijdschriftenliefhebbers hebben ook baat bij het festival, ze pikken uit de frisse en vernieuwende magazines weer nieuwe ideeën voor hun eigen werk.

Met al zijn tijdschriften en daarnaast zijn werk in opdracht blijft Jop van Bennekom zich telkens vernieuwen. Niet blijven hangen bij je ene succes, maar door doorgroeien met nieuwe kersverse ideeën. Met deze verborgen boodschap en met de tips van Facing Pages wordt de avond afgesloten: wees zelfkritisch, durf risico’s te nemen en begin vooral!

verslag: Wieke Teselink

 

terug »